De groene staafdiagram geeft een beeld van het aantal huwelijken per jaar in de gemeente Groningen tussen 1960 en 2010, de blauwe van het aantal scheidingen in dezelfde gemeente over dezelfde periode. Helaas konden we wat betreft die scheidingen niet alle cijfers achterhalen, vandaar dat die grafiek niet mooi doorloopt, maar discontinu is.

Conform het landelijke beeld neemt het aantal huwelijken in de gemeente Groningen in de jaren zestig steeds toe, tot er begin jaren zeventig een hoogtepunt wordt bereikt. En dit komt niet doordat de gemeenten Hoogkerk en Noorddijk in 1969 opgaan in de gemeente Groningen, want met de 50 à 80 huwelijken in die beide gemeenten erbij gedurende de jaren zestig zou de grafiek toen eenzelfde stijgende lijn hebben vertoond. Hooguit zou dan 1968 mede tot de piekjaren gerekend kunnen worden, want met de 72 Hoogkerkster en Noorddijkster huwelijken in dat jaar erbij, zou het aantal voor 1968 (1601 huwelijken) iets boven dat van 1969 (1578) uitgekomen zijn.

De opgang in de jaren zestig is te verklaren doordat er toen een eind kwam aan de na-oorlogse woningnood en mensen dankzij de loongolf ook meer te besteden kregen. Ze konden het zich veroorloven om jonger te trouwen en deden dat ook.

De piek in de grafiek voor de jaren 1968 – 1971 strookt niet met het beeld achteraf, dat vrijheid en blijheid toen troef waren. Het was pas na 1971 dat het halen van een ‘boterbriefje‘ uit de gratie raakte. Maar dan gaat het ook snel: begin jaren tachtig, toen voor het eerst een dieptepunt werd bereikt, lag het aantal huwelijken nog maar op de helft van het aantal, dat rond 1970 gehaald werd. Niet alleen gingen mensen veel minder trouwen, maar dat deden ze ook later – in plaats van vroege twintigers zijn het gevorderde dertigers en vaak hangt dan het trouwen samen met kinderen op komst.

Landelijk was de teruggang in de jaren zeventig eenderde. In de stad Groningen raakte het huwelijk dus veel meer uit de gratie als landelijk. De oplevingen rond 1990 en eind jaren negentig waren hier ook niet zo groot dan landelijk. Wel is hier, net als landelijk, de animo om te trouwen de laatste jaren lager dan ooit, terwijl de (gemiddeld nog geen 100) geregistreerde partnerschappen het verlies aan trouwlust bij lange na niet goedmaken. Lag het aantal huwelijken in de laatste jaren landelijk op ongeveer 60 % van de piek rond 1970, in de gemeente Groningen was dat nog geen 40 %, waaruit blijkt dat het instituut huwelijk hier veel meer dan elders aan betekenis heeft ingeboet.

Terwijl het aantal huwelijken in de jaren zeventig enorm inzakte, nam het aantal scheidingen toen juist sterk toe. Begin jaren tachtig werd er meer gescheiden dan ooit, daarna nam het aantal scheidingen trendmatig af. Om deze ontwikkeling echter in proportie te zien, hebben we nog een staafdiagram gemaakt van het aantal scheidingen als percentage van het aantal huwelijken:

 
In de jaren zestig bedroeg het aantal scheidingen in Groningen nog geen 10 % van het aantal huwelijken. Mede dankzij een nieuwe echtscheidingswet, die het scheiden gemakkelijker maakte, nam dit percentage in de jaren zeventig enorm toe, tot het begin jaren tachtig op meer dan 50 % lag. Sindsdien is er relatief nooit meer zoveel gescheiden. Door de bank genomen lag de laatste decennia het aantal scheidingen in de gemeente Groningen op 40 à 50 % van het aantal huwelijken, behalve medio jaren negentig, toen de percentages nog eens de 50 % te boven gingen.

                                                                                   Harry Perton

Bronnen van de cijfers: Statistische Jaarboeken gemeente Groningen; Verslag van de afdeling bevolking, burgerlijke stand en militaire zaken 1968 (Bibliotheek Groninger Archieven); (CBS) Gegevens per gemeente betreffende de loop der bevolking (UB zaal overheidsdocumentatie uovd 415 R 001); Nieuwsblad van het Noorden 7 augustus 1980.

Met dank aan Peter Groote (RUG) en Age Stinissen (gemeente Groningen).

Advertenties